Werner VorstmanInstrumenten om de Schrift nauwkeurig te lezen
Steun het werk
Instrument VIII

De Kruisigingsweek

Twee kalenders, boven elkaar getekend, want daar draait alles om: de bijbelse dag loopt van zonsondergang tot zonsondergang en de burgerlijke van middernacht tot middernacht, en ze vallen dus niet samen. De verschuiving tussen de twee rijen is geen versiering — het is de werkelijke zonsondergang in Jeruzalem op die dag, berekend met dezelfde rekenkern waarmee de kalenderpagina werkt.

Waar de knoop zit

Het lam wordt op de veertiende geslacht en op de vijftiende gegeten. Dat staat er twee keer, in bewoordingen die geen ruimte laten.

In de eerste maand, op den veertienden der maand, tussen twee avonden is des Heeren pascha. En op den vijftienden dag der derzelver maand is het feest van de ongezuurde broden des Heeren; zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten. Leviticus 23:5-6

En nog eens, waar het over het houden van het pascha zelf gaat:

Op den veertienden dag in deze maand, tussen twee avonden zult gij dat houden, op zijn gezetten tijd. Numeri 9:3

Zet daar het avondmaal naast. Als dat avondmaal de paasmaaltijd was, dan at Yeshua de Messias (Jezus Christus) het lam vóórdat het geslacht werd — of Hij stierf een dag te laat. Beide kunnen niet waar zijn van iemand die zelf het lam is. Er is maar één indeling waarin het avondmaal en de kruisiging allebei op hun eigen dag vallen: het avondmaal in de eerste uren van de veertiende, en de dood aan het einde van diezelfde veertiende, op het uur dat in de tempel de lammeren worden geslacht.

De twee sabbatten

Hier zit het scharnier. Twee verzen spreken elkaar op het eerste gezicht tegen, en juist die twee maken de zaak sluitend.

En als de sabbat voorbijgegaan was, hadden Maria Magdalena, en Maria, de moeder van Jakobus, en Salome specerijen gekocht, opdat zij kwamen en Hem zalfden. Markus 16:1

En bij Lukas, over dezelfde vrouwen en dezelfde specerijen:

En wedergekeerd zijnde, bereidden zij specerijen en zalven; en op den sabbat rustten zij naar het gebod. Lukas 23:56

De ene zegt: ná de sabbat gekocht. De andere: vóór de sabbat bereid. Dat kan alleen als het twee verschillende sabbatten zijn — en de tekst zegt zelf welke twee.

De Joden dan, opdat de lichamen niet aan het kruis zouden blijven op den sabbat, dewijl het de voorbereiding was (want die dag des sabbats was groot), baden Pilatus, dat hun benen zouden gebroken, en zij weggenomen worden. Johannes 19:31

De vijftiende is een hoge sabbat, de eerste dag van het Feest van de Ongezuurde Broden, ongeacht op welke weekdag hij valt. De zeventiende is in dat jaar de wekelijkse sabbat. Daartussen ligt de zestiende, en daar passen de specerijen precies in: ná de hoge sabbat gekocht, vóór de wekelijkse bereid.

Met één sabbat houden deze twee verzen een tegenspraak. Met twee sabbatten is de tegenspraak weg.

Drie dagen en drie nachten

Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde. Mattheüs 12:40

Het instrument telt dit uit in plaats van het te beweren. Het neemt de begrafenis in de laatste minuten van de veertiende en de opstanding bij het sluiten van de zeventiende, en telt daartussen de hele nachten (zonsondergang tot zonsopgang) en de hele dagen (zonsopgang tot zonsondergang). Er komen er drie en drie uit.

Daarna telt het op precies dezelfde manier de vrijdagrekening: begraven vlak voor de zonsondergang van de vrijdag, opgestaan vóór de zonsopgang van de eerste dag der week. Daar komen twee nachten en één dag uit. Dat is geen oordeel van mij: het is dezelfde telling, alleen op andere uren toegepast.

Er is een gangbare uitleg: dat “drie dagen en drie nachten” een uitdrukking is, waarin een deel van een dag al voor een hele telt. Wie het zo leest, heeft dit instrument niet nodig. Maar Hij koos die woorden zelf als het teken waaraan Hij te herkennen zou zijn — en een teken dat je niet kunt natellen is geen teken meer.

De Dag van de Eerstelingen

Dan zult gij een garf der eerstelingen van uw oogst tot den priester brengen. En hij zal die garf voor het aangezicht des Heeren bewegen, opdat het voor u aangenaam zij; des anderen daags na den sabbat zal de priester die bewegen. Leviticus 23:10-11

En Paulus noemt Hem met datzelfde woord:

Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, en is de Eersteling geworden dergenen, die ontslapen zijn. 1 Korinthiërs 15:20

De dag na de wekelijkse sabbat, binnen de week van het Feest van de Ongezuurde Broden. In een jaar waarin de veertiende een woensdag is, is de zeventiende de sabbat en de achttiende de Dag van de Eerstelingen — en dat is de dag waarop het graf leeg gevonden wordt. De telling klopt tot op de dag, en niemand heeft haar zo hoeven leggen: zo komt zij uit de kalender.

In welke jaren kan dit vallen?

Dit is het deel dat een schema niet kan en een kalender wel. Twee grenzen knippen het venster uit, en geen van beide komt uit dit instrument zelf.

Pilatus. Hij is stadhouder van 26 tot 36 na Christus, en de kruisiging valt binnen zijn ambtsjaren. Dat is de buitengrens aan beide kanten.

Tiberius. De prediking begint in zijn vijftiende jaar (Lukas 3:1), en dat is 28 of 29 na Christus, al naar gelang je het deeljaar meetelt. Vóór dat jaar kan de kruisiging dus niet vallen, hoe goed de weekdagen ook zouden uitkomen. Daarom staat 27 er niet bij: dat jaar draagt de weekdagen wel, maar er was toen nog geen prediking. De Jaren zet die twee regeringen naast elkaar en laat zien waarop ze berusten.

Laat de kalender van deze site de jaren binnen die twee grenzen nalopen en vragen in welke daarvan het pascha op een woensdag valt. Er blijven er twee over: 30 en 33. En in allebei valt de Dag van de Eerstelingen op I 18, de dag na de wekelijkse sabbat — precies wat het schema vraagt. De weekdagen van de hele week komen dan één op één uit: de tiende een sabbat, de dertiende een dinsdag, de veertiende een woensdag, de zeventiende een sabbat, de achttiende een zondag.

De knoppen boven de strook lopen die twee jaren langs. Ze zijn niet ingevoerd: het instrument zoekt ze elke keer opnieuw op, uit dezelfde nieuwemaans- en equinoxberekening waarmee de kalenderpagina werkt.

Wat dit instrument niet is

Het bewijst niet in welk jaar het gebeurd is. Het laat zien welke jaren de beschrijving kunnen dragen, en dat is iets anders. Van de twee is 33 de gebruikelijkste keuze, maar dat is een historische afweging en geen astronomische, en die maakt het instrument niet voor jou.

Eén afweging is wel na te rekenen. Johannes noemt drie Pascha’s — Johannes 2:13, Johannes 6:4 en Johannes 11:55 — en valt de kruisiging op de derde, dan liggen de andere twee één en twee jaar eerder. Voor 30 moet het eerste in 28 vallen, wat past bij de vroegste lezing van het vijftiende jaar. Voor 33 moet het eerste in 31 vallen, twee jaar ná het vijftiende jaar, en dan moeten er Pascha’s zijn die Johannes niet noemt — bijvoorbeeld het naamloze feest van Johannes 5:1. Drie genoemde Pascha’s geven dus een ondergrens en geen bovengrens; wie er precies drie van maakt komt eerder bij 30 uit dan bij 33.

Het rust ook op deze kalender: maanden die openen bij de samenstand, en als eerste maand de maand waarin de eerste volle maan na de lente-equinox valt. Wie de maand opent bij de eerst zichtbare sikkel, schuift alles één of twee dagen op en krijgt andere jaren. Dat verschil is echt, het staat op de kalenderpagina uitgelegd, en het is goed om te weten dat je met deze pagina die keuze maakt.

En het gaat over de dagen, niet over de leer. Of het avondmaal een seider was, en of de drie dagen letterlijk gelezen moeten worden of als uitdrukking — daarover wordt al eeuwen geschreven. Wat hier staat is alleen dit: dit is wat de kalender doet, en dit is wat de tekst zegt, en je kunt de twee naast elkaar leggen.

Waar dit vandaan komt

De vorm van deze strook — twee kalenders onder elkaar, met de gebeurtenissen eraan gehangen — volgt een onderwijzing van 119 Ministries, Was the Last Supper a Passover Meal?. Het betoog over de twee sabbatten, over de veertiende tegenover de vijftiende en over de drie dagen en drie nachten is daar uitgebreid uitgewerkt, en dit instrument is er de rekenkundige kant van.

Uit die onderwijzing komt hier geen enkel getal. De datums, de weekdagen, de zonsondergangen en de vraag welke jaren dit kunnen dragen worden hier uitgerekend met de kalender van deze site, uit de nieuwe manen en de lente-equinox. Wie de bron controleert, controleert dus twee dingen apart: het betoog daar, en de rekening hier.

De kalender, voor het hele jaar →  ·  Moria, om de verzen na te gaan →  ·  Gebruikte teksten en datasets →